De provincie Limburg gebruikt cookies om jouw surfervaring op deze website gemakkelijker te maken. Meer info
Ga verder

Geactualiseerd windplan

Nog ruimte voor bouw van 200 windturbines in Limburg

(persbericht d.d. 27 oktober 2014)

De actualisatie van het "Windplan Limburg", die in opdracht van het provinciebestuur werd uitgevoerd, toont aan dat er nog een potentieel is om 200 bijkomende windturbines te bouwen binnen onze provincie.

Sinds 2012 beschikt onze provincie over een windplan. Dit plan werd opgesteld om specifieke gebieden aan te duiden die in aanmerking kwamen voor de inplanting van windmolenparken. Destijds werden vijf onderzoeksgebieden in Limburg onderzocht op inplantingsmogelijkheden voor windparken.

"Sindsdien is er veel veranderd. Het beleid inzake milieuvoorwaarden wijzigde en er verschenen verschillende publicaties over het ruimtelijke beleid rond de inplanting van windturbines (o.a. General Chart for Obstacle valuation, de Risicoatlas voor vogels en vleermuizen, …). Ook de ruimtelijke/landschappelijke context waarbinnen de nieuwe windturbines geplaatst kunnen worden, verandert voortdurend. Vandaar de nood aan een actualisatie van het windplan. Bijkomend willen we via een actualisatie een beeld krijgen van de mogelijkheden voor heel Limburg; zo werden Zuid-Limburg en het Maasland nu wél mee onderzocht. Het gebiedsdekkend 'Windplan Limburg 2014’ werd goedgekeurd door de deputatie", aldus gedeputeerde van Ruimtelijke Ordening en Planning, Inge Moors (CD&V).

Met behulp van een wetenschappelijk model, ontwikkeld door de Vlaamse Instelling voor Technologisch Onderzoek (VITO), werd het grondgebied van onze provincie geanalyseerd. Hierbij werden zoekzones aangeduid op basis van zogenaamde "positieve aanknopingspunten". Windturbines en infrastructuurelementen (wegen, spoorwegen, hoogspanningslijnen, …) worden waar mogelijk gebundeld. Bedrijventerreinen en hun onmiddellijke omgeving zijn uitermate geschikt voor de inplanting van windturbines omwille van de beperkte impact op het landschap en de directe koppeling tussen productie en verbruik.

De potentiële zones werden vervolgens gescreend op hun natuurlijke of landschappelijke kwetsbaarheid en de nabijheid van luchthavens of woongebieden. Dit zijn enkele van de zogenaamde "restrictieve ruimtelijke criteria". Gebieden die op dit vlak negatief scoorden worden uitgesloten. Ook risico’s voor bijvoorbeeld vogels en vleermuizen worden in deze fase in rekening gebracht.

Gedeputeerde Inge Moors: "Deze criteria leiden tot een totale zoekzone voor het plaatsen van windturbines van meer dan 1.100 ha. Wanneer we rekening houden met het principe dat per cluster minimaal 3 turbines moeten kunnen gerealiseerd worden (cfr. Ruimtelijk Structuurplan Limburg) en de onderlinge afstandsregels in rekening brengen, kunnen nog ruim 200 windturbines worden ingepland binnen de aangeduide locaties. Goed voor een bijkomende capaciteit van 400 MW die kan benut worden voor meer dan 190.000 gezinnen."

De totale bebouwde ruimte in Vlaanderen neemt elke dag met zo’n 7 ha toe. Hierdoor neemt de ruimte beschikbaar voor windturbines af. Ook de windturbines zelf evolueren. De huidige generatie heeft een masthoogte van 100 m en een rotordiameter van 100 m. Deze afmetingen spelen uiteraard mee in het bepalen van technische en veiligheidsafstanden tussen de windturbines. Gedeputeerde Inge Moors verwacht dan ook over enkele jaren een nieuwe update. Een correct afwegingskader in combinatie met de meest accurate technische gegevens is essentieel.

"De laatste 10 jaar is het aantal grootschalige windturbines in de provincie Limburg toegenomen van 8 windturbines op 2 locaties (2004) naar 36 windturbines op 14 locaties (begin 2014). De studie Totaal Actieplan CO2 (TACO2) toonde aan dat een verdere toename van het aandeel windenergie in de totale energiemix in de nabije toekomst noodzakelijk is om Limburg klimaatneutraal te maken. Er kunnen dus nog meer windmolens in Limburg gerealiseerd worden, maar deze toename mag niet ten koste gaan van de leefkwaliteit, ons Limburgs landschap en de aanwezige natuurwaarden", besluit gedeputeerde Inge Moors.

Het nieuwe "Windplan Limburg 2014" is in de eerste plaats een vertaling van de ruimtelijke visie van het provinciebestuur op de inplanting van grootschalige windturbines over heel het Limburgse grondgebied. Het plan is een leidraad in het kader van de meest geschikte inplantingsplaatsen voor grootschalige windturbines. Het document is richtinggevend en bedoeld voor stedenbouwkundige ambtenaren, administraties voor ruimtelijke ordening, windproducenten en de diverse adviesorganen.

Burgerparticipatie

Gedeputeerde van Leefmilieu en Natuur, Ludwig Vandenhove (sp.a) is voorstander om burgerparticipatie te koppelen aan windmolenprojecten. Op zijn voorstel besliste de provincie Limburg dan ook eind vorig jaar dat bij nieuwe grote windmolenprojecten er minstens 20 % van het project moet worden voorbehouden voor directe participatie van lokale besturen en burgers.

"Bedoeling is dat de mensen uit de omgeving van windmolenprojecten zoveel mogelijk (collectieve) ‘compenserende voordelen’ kunnen krijgen en daar zelf mee over kunnen beslissen. Die compenserende voordelen kunnen heel ruim worden opgevat. Er is de mogelijkheid van een jaarlijks dividend of de optie van goedkopere stroom voor de coöperanten, beide voordelen van financiële van aard. Evenzeer zou (een deel van) de opbrengsten rechtstreeks of via een lokaal omgevingsfonds kunnen geïnvesteerd worden in een mooiere leefomgeving, verfraaiing van een schoolplein, park of ontmoetingscentrum, in een groenscherm of zelfs in goedkope leningen voor isolatie van woningen, noem maar op … Via het systeem van directe participatie, komt de beslissing over wat er met de opbrengsten gebeurt volledig te liggen bij de lokale aandeelhouders (burgers, gemeente, verenigingen, …)", aldus Ludwig Vandenhove. "Er is nog een hele weg af te leggen, maar nu beschikken we over een gebiedsdekkend windplan dat getoetst is bij alle betrokken gemeentebesturen. Op basis daarvan zullen één of meer pilootprojecten worden geselecteerd waarmee concreet aan de slag kan worden gegaan."

Interesse is er alvast. De provincie kreeg de afgelopen weken en maanden zowel reacties van burgers, als van projectontwikkelaars die inzien dat directe participatie met meerwaarde voor de lokale bevolking noodzakelijk is geworden om projecten met succes af te ronden. Een intensief traject waar de nodige tijd en begeleiding voor moet worden uitgetrokken. Maar op termijn lonend voor iedereen, zoals het zou moeten zijn.

Te downloaden

Eindrapport Windplan Limburg (oktober 2014) - 4 MB.

Kaart Windplan Limburg 2014

6 - 8 - 9 november 2017 Novemberzittingen - Eén Sterk Sociaal Duurzaam Limburg

Nieuws

vrijdag, 06 oktober 2017
Windturbinepark in Ham goedgekeurd Op voorstel van gedeputeerde van Ruimtelijke Ordening Inge Moors en gedeputeerde van Leefmilieu Ludwig Vandenhove keurde de Limburgse deputatie op 5 oktober...
donderdag, 21 september 2017
Stratenplan met aanduiding nieuwe weg
Op woensdag 20 september lag de voorlopige vaststelling van het Provinciaal Ruimtelijk Uitvoeringsplan (PRUP) inzake de noordoostelijke omleidingsweg in Tongeren voor aan de provincieraad. “Dit...
donderdag, 21 september 2017
Op voorstel van Inge Moors, gedeputeerde van Ruimtelijke Ordening, lag het voorlopige ontwerp van ruimtelijk uitvoeringsplan voor de ontwikkeling van Hengelhoef voor aan de provincieraad van 20 september...