Internationale experts onder de indruk van succesvolle kweek bestrijder eikenprocessierups
Na vijf jaar boeiend onderzoek loopt het Europese LIFE-project rond de eikenprocessierups stilaan ten einde. Onlangs zakten tientallen experten uit België, Nederland, Frankrijk en Groot-Brittannië af naar Antwerpen en Limburg. Ze delen inzichten, evalueren resultaten en blikken vooruit. Een van de blikvangers: de succesvolle kweek van de grote poppenroverkever door het Provinciaal Natuurcentrum (PNC), een natuurlijke bondgenoot in de strijd tegen de rups.
Duurzame oplossing voor een groeiend probleem
De eikenprocessierups zorgde de voorbije jaren voor heel wat overlast in Limburg: jeuk, oog- en ademhalingsproblemen bij mensen, maar ook schade aan bomen en gezondheidsproblemen bij dieren. Traditionele chemische bestrijdingsmiddelen bleken niet alleen duur en arbeidsintensief, maar ook nefast voor de biodiversiteit. Het LIFE-project “Eikenprocessierups” focust op een ecologisch alternatief. Via grootschalige monitoring, terreinproeven en kweekexperimenten werd onderzocht hoe natuurlijke vijanden de overlast kunnen beperken. De drie hoofdrolspelers? Mezen, sluipwespen- en vliegen én de grote poppenrover.
Het project zette verder ook sterk in op natuurvriendelijk bermbeheer. Door de inrichting van wegbermen aan te passen – met meer ruimte voor bloemen en struiken – ontstaat er meer leefgebied voor natuurlijke vijanden van de rups. Ook de ophanging van 460 nestkasten voor kool- en pimpelmezen maakte deel uit van deze ecologische aanpak.
Met dit project bevestigt Limburg zijn voortrekkersrol in duurzaam natuurbeheer. We tonen niet alleen resultaat, maar bouwen bruggen naar de toekomst. Dankzij ons advies en de monitoring besparen Limburgse gemeenten naar schatting 500.000 euro. En tegelijk zetten we volop in op biodiversiteit.
Van eik naar den: vooruitdenken
De inzichten uit dit project zijn niet alleen waardevol voor de aanpak van de eikenprocessierups. Ze bieden ook een stevige basis voor mogelijke toekomstige uitdagingen, zoals de opmars van de dennenprocessierups. Die soort is nog niet in Limburg vastgesteld, maar rukt op vanuit het zuiden. Door nu al kennis te verzamelen en methodes te testen, blijft Limburg ook hier voorbereid.
"Hoewel het de laatste twee jaren zeer rustige jaren waren wat rupsen betreft, is het niet onmogelijk dat we in de toekomst terug een opflakkering zien. In het verleden was er om de 25 jaar een uitbraak van de rups in onze regio. Echter sinds 1990 is de rups in onze provincie elk jaar waargenomen," besluit Luc Crèvecoeur.
Internationale aandacht
Op 12 juni verzamelden internationale onderzoekers in Antwerpen voor een studiedag rond het project. Op 13 juni trokken ze naar Geel en Limburg om proeflocaties te bezoeken en het kweeklabo van de poppenrover te bezichtigen. Er staan nog twee afsluitende symposia gepland: op 17 juni in Nederland en op 19 juni in België. Tijdens deze slotmomenten worden de resultaten gedeeld met lokale besturen, natuurbeheerders en andere geïnteresseerden.