De provincie Limburg gebruikt cookies om jouw surfervaring op deze website gemakkelijker te maken. Meer info
Ga verder
PNC
  • Start
  • Duimen voor Landduinen

Duimen voor Landduinen

Natuurpunt Hechtel-Eksel
35 p. + 3 bijlagen
Geschreven in 2002
Gepubliceerd in 2002

Natuurpunt Hechtel-Eksel

p/a Katersheove

B-3940 Hechtel-Eksel

35 p.+3 Bijlagen

Landduinen vormen in de gemeente Hechtel-Eksel een belangrijke biotoop met hoge natuur- en cultuurwaarden; De 'Hechtelse bergen' omvatten ongeveer 200 ha en omgeven als een halve maan het dorp van Hechtel en de gehuchten Bosveld, Kamert en Locht. In botanisch opzicht zijn stuifduinen arm aan vegetatie. Op mul duinenzand is Buntgras dominant. In de Hechtelse duinen komt op een aantal plaatsen het van de kustduinen bekende Helmgras voor. In Hechtel-Eksel werd de overgang van het gefixeerde duin naar het struikheideduin tot de jaren negentig gekenmerkt door een vegetatie rijk aan dikke matten korstmossen uit de Cladonia-groep, Kraakloof en IJslands mos (Cetraria islandica). Op de gefixeerde duinen met een dikke humuslaag krijgen grassen zoals Buntgras, Zandstruisgras, Schapegras, Rood zwenkgras en Bochtige smele de bovenhand. De vegetatie van oude gefixeerde duinen met een dikke humuslaan bestaat hoofdzakelijk uit Struikheide, Bochtige Smele, Schapegras, de bekermossen Cladonia potentosa, Cladonia gracilis en Ruig haarmos (Polytrichum piliferum). Op de open plekken zijn verschillende soorten van de Cladonia-groep aspectbepalend. De belangrijkste bladmossen zijn Peermos (Pohllia nutans), Boskronkelsteeltje (Campylopus flexuosus) en Gewoon gaffeltandmos (Dicranum scoparium).

Ondanks het botanisch arme milieu van landduinen zijn ze in faunistisch opzicht zeer rijk aan soorten. Zandloopkevers brengen nagenoeg hun hele levenscyclus in het open zand door. Voorbeelden zijn de Bronskleurige zandloopkever (Cicindela hybrida) en de Groene zandloopkever (Cicindela campestris). Een karakteristieke sprinkhaan van open duingebieden is de Blauwsvleugelsprinkhaan (Oedipoda caerulescens). Van vlinders vinden we er vooral de Heivlinder (Hipparchia semele) en de Kommavlinder (Hesperia comma) terug. Tot de meest bekende ongewervelden van duingebieden behoren zeker de Grote rupsendoder (Ammophila sabulosa), de Bijenwolf (Philanthus triangulum) en de Mierenleeuw. De Nachtzwaluw, de Boomleeuwerik en de Tapuit vinden in de Limburgse duinen een geschikte broedplaats.

De 'Hechtelse Bergen' hebben buiten dit ecologische ook een landschappelijk en cultuurhistorisch belang.

Ondanks vele beschermingsmaatregelen worden de Hechtelse landduinen bedreigd door wildbouw, de ongecontroleerde beoefening van lawaaisporen en een toename van de commerciële paddestoelenpluk. Het gebrek aan eenheid in het beheer is eveneens een knelpunt. Daarom werd één van de krachtlijnen van de beheersvisie de realisatie van eenheid in het beheer. Verdere krachtlijnen zijn de voorrang aan typische duinbegroeiing, afwisseling van verschillende types duinbegroeiing, ruimte voor zand - zodat het actieve stuifzand gedeeltelijk kan hersteld worden - en duinen als speelruimte voor kinderen voorzien. Met deze beheersvisie wil Natuurpunt Hechtel-Eksel de landduinen beter beschermen. (Nina Van Dyck)

Plaatsen

  • Eksel
  • Hechtel
  • Hechtel-Eksel
  • Start
  • Duimen voor Landduinen